Op zes december 1773 verscheen de ongeveer 35 jarige zoon van de reeds overleden à Campo senior voor de schepenen van Nuth om met medewerking van notaris Stijnen onder ede verhoord worden over wat er zich eerder in hun boerderij zou hebben afgespeeld. Nicolaas vertelde dat hij altijd thuis had gewoond in het gebied tussen Schimmert en Grijzegrubben, waar hun indrukwekkende hofstede stond. Hij gaf aan dat hij altijd in een vertrouwelijke relatie tot zijn vader had gestaan en dat deze hem zeker verteld zou hebben als zich iets als een overval of diefstal op hun boerderij zou hebben afgepeeld. Aan het eind van het verhoor vroegen de schepenen of hij bij zijn verklaring bleef. Nicolaas bevestigde alles nog eens en tekende het proces-verbaal met “nijcolas A Campo”! Op zeven december verscheen de ongeveer 40 jarige Merten à Campo voor de rechtbank. Ze gaven niet op. Hij was een broer van Nicolaas jr. Hij verklaarde eveneens nog nooit van enige diefstal of andere overlast in hun huis gehoord te hebben. Hij zou het geweten hebben, want ook hij had lang thuis gewoond! Wel had hij gehoord dat mensen uit de wijdere omgeving vertelden dat er iets gespeeld zou hebben bij hun thuis. Maar met de beste wil van de wereld zou hij niet weten wat dat dan geweest zou moeten zijn. Zoals in het vorige artikel vermeld gingen  de schepenen van Nuth op bezoek bij oud-schepen Gabriel Limpens, en wel bij hem thuis in Terstraeten. Limpens vertelde dat hij al lang voor dat á Campo  zijn nieuwe boerderij had gebouwd in de directe omgeving woonde, en dat ook hij nooit iets van welke criminele zaak dan ook had vernomen. Weer werd er een verslag opgesteld van het verhoor onder ede.

Toch was er een reden waarom de rechtbank doorzette. Op tien juli 1773 had een zekere Pieter Pieters uit Geulle, die de bijnaam “het Leemkuiken” droeg,  namelijk tijdens een foltersessie in het Oude Stadhuis te Maastricht verklaard dat hij deelgenomen had aan een overval bij à Campo “op het nieuwhuijs op het Spaansch”, (de plek waar de boerderij lag was toen Spaans gebied). Hij noemde zelfs de naam van Joannes Vrusch uit Beek, die volgens hem ook bij deze overval aanwezig zou zijn geweest. Op 27 juli 1773 gaf Dirk Herseler uit Neerbeek tijdens een martelsessie eveneens toe dat hij bij dit misdadige gebeuren aanwezig was geweest. Hij had trouwens al eerder de naam van Pieters als lid van de bende genoemd. Dirk noemde zowaar veertien namen van medeplichtigen die allen uit de regio Beek-Schimmert kwamen. Hij biechtte het hele verhaal van de overval op. Hoe ze een venster open gebroken haddenn en vervolgens met hun zakpistolen, flinten en schietgeweren naar binnen waren gegaan, alwaar ze de aanwezige personen gekneveld zouden hebben. Vervolgens hadden ze alles van waarde gestolen en in pakken en zakken meegenomen. Er waren nog meer gedetineerden die de overval bij à Campo opbiechtten. Daarbij ging het o.a. om Herman Vrancken, een veerman uit Klein-Meers, die evenals Pieters gevangen zat in Maastricht en die daar na zware martelingen zelfmoord pleegde. Ook hij had tijdens zijn verhoren de overval bij à Campo bekend. Machiel Minten en Pieter Penders, twee “booswichten” uit Catsop, die door het gerecht te Elsloo ter dood veroordeeld werden, vertelden dat ze er ook bij geweest waren. Het rechtsgebied van Klimmen kende ook twee mannen, Pieter Mengelers en Johannes Eeven, die hun deelname aan deze niet gepleegde overval opgebiecht zouden opbiechten. Beide mannen werden begin december 1773  op de Graatheide bij Beek opgehangen. Het kan zijn dat in de volksmond het verhaal van deze de z.g. overval de ronde heeft gedaan, waardoor ook een aantal leden van bende der nachtdieven er kennis van heeft gekregen. Dat moet hun flink opgebroken zijn, want tijdens deliriums ten gevolge van de tortuur bekenden ze plotseling erbij aanwezig te zijn geweest. Vaak vertelden deze figuren maar wat om van de helse pijnigingen verlost te worden die het Hollandse gerecht door de beul liet toepassen. Het was een verderfelijke periode in onze geschiedenis.

Nieuw Huis

Nogmaals het Nieuw Huis bij Terstraeten, nu uit een andere hoek. Ik kom er altijd op mijn renfiets of MB langs.

Met dank aan de prachtige site Bokkenrijders en hun afstammelingen.

Advertenties