Vilders, gevreesde figuren

De op twaalf juli 1684 te Hoensbroek geboren Barbara (Berbe), was getrouwd met een lid van de beruchte vildersfamilie Ponts, Mathias (Mathijs). Ze was een dochter van de vilder Henricus Bemelmans en zijn echtgenote Gertrudis Wingaerts.Volgens de gerechtsbronnen was de vrouw groot, had een smal gezicht en erg mager. Er waren meerdere families in de regio Limburg die als vilder werkten en heel vaak waren ze onderling met elkaar verweven door huwelijken. Vilders verdienden hun geld met het afstropen van de huid van dode dieren, die ze weer door verkochten aan leerlooiers. In de maatschappelijke rangorde stonden ze op de onderste plek. Leden van vildersfamilies werden door het volk gemeden als de pest. Door de aard van hun werk stonken ze een eind in de wind en herbergen waren voor hun verboden terrein. Ze konden eventueel hun brandewijn in een glaasje zonder voet ( blijk van minachting voor deze groep)  buiten de herbergdeur opdrinken, maar dat was dan ook alles. De vilders trokken vanwege hun werk door de hele streek, en gebruikten hun kennis bij de vele duistere zaakjes die ze planden. De vrouwelijke leden van de vildersgemeenschap deden vaker mee aan de criminele activiteiten van hun mannen en zonen. Vilders kenden door hun isolatie van de rest van de gemeenschap een sterke onderlinge verbondenheid. Door het gezag werden ze betiteld als eerloze families die allemaal van hetzelfde allooi waren. Op de huwelijksmarkt waren ze zeker niet populair, waardoor inteelt binnen de eigen familie alom aanwezig was. De meesten draaiden hun hand niet om voor brute berovingen, overvallen, inbraken en zelfs moorden. Het hoorde allemaal bij hun hardvochtigheid die wellicht gevoed werd door de sociale isolatie waarin ze verkeerden, maar die ze zelf net zoals huidige rand- en minderheidsgroepen ook niet wilden doorbreken.

De echtgenoot

Mathijs Ponts was zogezegd de spin in het web van alle duistere zaakjes. Hij plande, regelde en stuurde zijn gezellen en gezellinen aan. Zijn huis te Hoensbroek was een ontmoetingsplek voor vele duistere figuren en luidruchtige drinkgelagen waren er aan de orde van de dag. Zijn vader Georgius Ponts was ook vilder. In 1734 had Mathijs nog bezwaar gemaakt tegen de “invasie” van vilders uit het Hollandse gebied die zijn vader het brood uit de mond zouden stoten. Ponts trouwde op 26 mei 1711 met zijn Berbe in de kerk te Hoensbroek. Het huwelijk werd zoals gebruikelijk voor de sluiting drie maal afgeroepen in de kerk. Onder de getuigen was ook Catharina Bemelmans wier naam ook in het bendewezen zou opduiken. In de bewaard gebleven huwelijksakte kun je lezen dat de pastoor zegt dat de hele parochie bij de plechtigheid aanwezig was. Het moeten dus wel echt BH’ers geweest zijn. Berucht waren ze al. Wellicht dat er daarom zoveel volk kwam opdraven! Het koppel gaat wonen in een huis in de Koestraat dat in het bezit is van Barbara’s oom. Negen jaar later zou Ponts dit huis, met hof en tuin van deze oom voor 20 pattacons kopen.

De kroost

De tortelduiven krijgen negen kinderen. Als eerste komt Ida ter wereld, die later als jongedame ook tot het bendewezen zou gaan behoren. Hun laatste kind, Reinerus, uit 1729 gaat reeds op jonge leeftijd dood. De meeste kinderen zullen in de toekomst mee uit stelen en roven gaan. Ida trouwt met Joannes Honnoffs, een telg uit een andere beruchte vildersfamilie. Beiden worden opgepakt en zullen in januari 1744 door ophanging en verbranding omkomen. Hun twee zeer jonge kinderen worden uitbesteed in een pleeggezin en wel op kosten van de lokale gemeenschap.Het jongetje uit dit huwelijk zal later in de tweede periode van het bendewezen opduiken. Ook hij was van beroep vilder en woonde op de Lommelenberg bij Hulsberg. Dat kwam goed uit, want daar was ook de executieplaats.

huis_aan_de_grubbe_straat_chuis-matthijs-ponts

De Grubbestraat te Hoensbroek met waarschijnlijk het voormalige huis van Mathijs Ponts. (** Foto met dank aan site http://www.bokkenrijders.com)

wordt vervolgd

Advertenties