“Gezigt te Geulem agter Houtem te zien van voor de Banaal mole naar De weg van het dorp Berg, naar ’t leven getekent den 19e juli 1791”.

geulmem

Niet duidelijk is wie de tekenaar van deze prachtige prent is. Met de “Banaal mole” wordt de banmolen aan de rechterkant bedoeld, die op dat ogenblik gepacht werd door de familie Quaedvlieg. Arnoldus Quaedvlieg kreeg in 1763 de molen in eeuwigdurende erfpacht van het St.Servaaskapittel uit Maastricht, dat op zijn beurt al sinds 1709 eigenaar was van deze molen. Alvorens hij hier als pachter aangesteld werd, had hij al het vak van molenaar uitgeoefend in de banmolen van Meerssen, die gelegen was aan de Veeweg bij het bruggetje over de Geul. Vijf jaar later zou Quaedvlieg ook nog eens de banmolen van Valkenburg als pachter gaan uitbaten. De historie van de Geulhemermolen gaat overigens terug tot in het jaar 1234, toen een eerste vermelding in de annalen plaats vond. Een banmolen of een dwangmolen was een molen waar boeren uit de directe omgeving hun graan verplicht moesten laten malen. Dit feodale recht dateerde al uit de 13e eeuw. De feodale heer of de heren van een kapittel of klooster die de molen in eigendom hadden, konden op deze wijze via de tienden hun belasting innen.

Advertenties