Slaags met kozakken

De Fransen raakten op de 5e maart 1814 slaags met een groep kozakken die zich in de buurt van de “Onderste Houtmolen”  ophielden. Ze namen een aantal burgers die in de buurt van de molen werkzaam waren mee terug naar Venlo en brachten ze daar naar de gouverneur. Deze verdacht hun er van de kozakken gewaarschuwd te hebben voor de komst van de Fransen en liet hen onbarmhartig slaan met stokken en opsluiten in de gevangenis van De Gelderse Poort. De mannen kwamen in de late namiddag door bemiddeling van een paar vooraanstaande personen vrij en werden door Franse soldaten de stad uit geleid. Een dag eerder waren Franse soldaten om negen uur in de ochtend de Maas over getrokken en hadden zich richting Horst en Venray begeven, waar ze koeien, geld en andere zaken hadden opgeëist. Toen ze in de avonduren weer in Venlo terug gekeerd waren, kregen ze onmiddellijk opdracht om naar dorp Stralen te gaan. Ze arriveerden daar rond een uur in de nacht en hebben de huizen van de voornaamste inwoners beschoten. Ze namen in een bliksemactie negen in Stralen gelegerde kozakken uit Kleef gevangen , lieten een paar gewonde kozakken achter, roofden zestien paarden, en vertrokken weer naar Venlo. De paarden werden daar voor 1580 gulden aan burgers verkocht. Een week later was het weer tijd voor een nieuwe strafexpeditie. De Fransen gingen opnieuw naar Horst, namen twintig kozakken gevangen, doodden of verwondden een vijftal inwoners, en namen de burgemeester en twee andere notabelen mee naar Venlo.

Op kozakkenjacht

Op de 21ste  maart gingen ze naar Belfeld om er op kozakkenjacht te gaan. Het leverde niets op. Uit frustratie namen ze naast vele andere zaken vervolgens de pastoor  en de koster maar mee. Ze lieten gelukkig op hun terugtocht het dorp Tegelen met rust, maar eenmaal buiten het dorp aangekomen hielden ze halt en stuurden soldaten terug naar het dorp om jenever, en wittebrood voor 300 man op te eisen. Drie dagen later kwamen er plotseling 180 Pruisische scherpschutters de Maas over naar Blerick. De Fransen probeerden hun te verjagen, maar moesten zelf het hazenpad kiezen. De Fransen trokken uiteindelijk met hun kanonnen en houwitsers richting Bree om de inwoners van Blerick door hun beschietingen niet in gevaar te brengen. Exact een week later deden ze met 800 man en vier kanonnen een grote aanval op Herungen en Wanckum . Er zou een tragisch incident plaats vinden. Een burger die de huisdeur wilde sluiten om zijn in het kraambed liggende vrouw niet in gevaar te brengen, werd in zijn huis dood geschoten. In de buurt gelegerde Pruisen hadden lucht gekregen van de aanval en zetten scherpschutters in om de Fransen te verdrijven. Dat lukte. De Pruisen achtervolgden de Fransen nog tot aan de vlak buiten de stad gelegen halte van de postwagen, maar konden niets uitrichten omdat ze met te weinig manschappen waren.

Fransen delven onderspit

Pruisische soldaten begaven zich op de negende april in de vroege ochtend naar Tegelen om daar burgemeester Kamp en zijn loco-burgemeester Thyssen op te pakken. Deze twee mannen werden ervan beschuldigd dat ze op de hoogte waren geweest  van het feit dat de Fransen in het dorp Steyl veel goederen hadden verborgen. De Pruisen laadden meer dan dertig karren vol en trokken ermee terug naar Kleef. Beide notabelen werden eveneens als straf naar Kleef gebracht omdat ze de Pruisen niet op de hoogte hadden gesteld van de Franse “magazijnen” te Steyl. In de namiddag van deze dag, het was  de dag voor Pasen,  doken er ongeveer 600 Fransen op die van plan waren hun goederen op te halen. Toen de Fransen een kleine eenheid Pruisische jagers gewaar werden, verschansten ze zich op het kerkhof om vandaar uit de Pruisen te beschieten. Na een uur kregen de Pruisen versterking, waardoor de Fransen gedwongen werden het dorp Tegelen te verlaten. Ondanks het feit dat de Pruisen in de minderheid waren, slaagden ze erin de Fransen tot aan Venlo te belagen. Deze hadden geluk dat er ettelijke honderden Franse soldaten de stadspoort van Venlo uit stormden om hun collega’s te ontzetten. De Pruisen moesten door het geweld van de kanonnen de aftocht blazen en telden 26 doden. De Fransen hadden echter 150 man verloren in de bloedige slag die rond de vijf uur duurde. De in Tegelen aanwezige Fransen werden tot grote opluchting van de inwoners door de Pruisen verjaagd, anders was het dorp zeer zeker door een Franse wraakactie getroffen, hetgeen niet in het minst voor het dorp Steyl gegolden zou hebben. Daar hadden zich immers de Franse voorraden bevonden die door de Pruisen waren meegenomen. Vrijwel alle inwoners van het dorp waren hun kelders in gevlucht uit angst dood geschoten te worden.

kozak-in-nederland-eind-1813

Een kozak in volle ornaat

Advertenties