De in akten genoemde pachters van Hoeve ten Esschen en andere lenen te ten Esschen:

Reinhart van Esschen, Aachen, 30 juni 1372 (***)

Op deze datum beleent Aartsbisschop Friedrich III van Keulen Reinhart van Esschen met de Hof ten Esschen en de Hof te Lotbroek ( Lodbroich), alsmede met “sieben ein half Hufen ackerland im Kirschspiel Heerlen”. Zowel de hof als het akkerland wordt aangeduid als “Valkenburger lehen”. In Aquis in recessu domini ridelicet crastino Petri et Pauli Archiv. ( nr.409 Regesten der Erzbischöfe von Köln im Mittelalter, deel vier, 1366-1380). Dit is de eerste keer dat in een officiële akte de naam van den Esschen aan de hoeve gekoppeld wordt. De toevoeging Aachen, achter de naam van Reinhard betekent waarschijnlijk dat de belening vanuit Aken is geschied. Op dat ogenblik zal de Mankamer te Heerlen naar alle waarschijnlijkheid nog niet volledig gefunctioneerd hebben. In “Die Regesten der Erzbischöfe von Köln im Mittelalter”, 12er Band, 2e Hälfte, 1370-1414 staat op pagina 105: “Esschen im Land Valkenburg im Kerspel Heerlen, Hof VIII 620, IX 126, 854. Reinard v.(den) VIII 620,678”. Uit een vermelding van vijf september 1370, blijkt dat Reinard dus al eerder beleend werd met de Hof te Lotbroek, ( wird belehnt mit Lodbroich, s.v. Bachem. Roger).

Reinhard moet op zijn minst een aangezien iemand geweest zijn. Op 24 juli 1372 was hij als getuige aanwezig bij het sluiten van de huwelijksovereenkomst van Johann v. Schaesberg (Schayfsberg), met Drude v.Steinberg. Drude was de dochter van de dan al overleden Rutger v.Steinberg. Benadrukt werd nog dat Drude de “eheliche Tochter” was van v.Steinberg. Dat was belangrijk in een tijd dat er ook nogal wat buitenechtelijke nakomelingen waren. De jongedame kreeg een mooi bedrag aan bruidsschat mee van haar familie. “Als Heiratsgeld hat sie 1300 gute schwere Guldgulden bar gegeben”. Daar kon je een eindje mee vooruit!

Tilman van dem Bocke, 14 juli 1381 (***)

Tilman wordt op deze datum als burger van Aken beleend met de Hof ten Esschen in het kerspel Heerlen, alsmede met de Hof Koningsbeemd, een leenhof in het Land van Valkenburg. Zijn getuigen bij deze belening zijn, Ridder Reinhard v. Morken, Johann v.Pon en Joh. Struver v. Uersfeld (Orsfelt) . De Koningsbeemd, was overigens de eerste benaming van de Hoeve de Wijngaardshof, gelegen onder Heerlen. De naam v.Morken komt al in de elfde eeuw voor in het nabij gelegen Hertogdom Jülich, (Gulik). Van dem Bocke was naar alle waarschijnlijkheid een voornaam burger, met “riddermatige” contacten. In een bundel stukken over Schalun te Valkenburg, komt in 1406 een Johan Struver van Hulsberg tot Schalun voor als, “Ritter, Baillu tuschen Maes en Rhijn van Hertog Anton van Braband”. Het zal bijna zeker om dezelfde persoon gaan. Hij zal als getuige zijn opgetreden omdat Koningsbeemd een Valkenburgs leen was. Hij stond in de leenregisters van de leenhof van het Land van Valkenburg geregistreerd als Johan Struver de Bunde, Johan Struver de Hulsberghe, of Johan van Hulsberg. In 1407 werd “Johan Struver van Hoelsberch” tot voogd van het Land van Valkenburg benoemd. Op zestien oktober 1384 wordt Tilman nogmaals beleend. Er staat niet aangegeven waar het precies over gaat. Onder de vermelding “wie oben 9, 126”, zijn er ook weer dezelfde getuigen aanwezig. (Band 9, Reg.Nr. 854) De man moet geld en invloed gehad hebben.

Peter (vanden) (vandem) (von dem) Buck (Bock)

 In het boek van Wim Nolten, “Keurkeulse Mankamer Heerlen”, 1419-1482 wordt ook een zekere Peter vanden Buck (o.a als leenman) genoemd en wel op de bladzijden 2b,2,2b/3a, 11b. Hij haalde de informatie uit de “Akten van verheffing en lijst van leenmannen 1489- 1482”, 6403-6404, genummerd 41 en 45. Aangezien de naam van Peter over een groot deel van de eeuw wordt vermeld, moet ik er van uitgaan dat het om een vader/zoon vermelding gaat.

In 1419 wordt hij vermeld  op pagina 2 onder 3: “Item het Johan Hoen van Vorendael ontfinck den hoeff zu Spalbeeck inden jaer du men screiff 25-1-1419, X1X des XVen dages inden hardmoent overmitz mich Goeswijn van Cortenbach als richter mijns gened. Heeren van Collen (Keulen) en sijne man mit namen heer Stas Segroede en her (heer) Peter vanden Buck als sceffen (schepen) zu Aichen. Hier wordt hij dus als leenman van Keulen vermeld en als schepen te Aken.In 1482 wordt Peter vanden Buck vermeld als man van Hoeve ten Esschen. “Item Peter von dem Buck ist man von dem hove zu Esschen, und ist ein burger zu Aichen

Advertenties