Peter Boist en anderen, op 12 januari 1733 (***)

 Op deze dag gebeurt er heel wat. Het moet druk geweest zijn in de Mankamer te Heerlen. Niet minder dan tien personen kunnen we op deze datum in de akten terug vinden. We beginnen met Peter Boist en Jan Boyst. De laatste wordt betiteld ala “possesseur ( bezitter) des stocklehen van den Nesschen”.  Lennert Boest valt dezelfde eer ten deel, hij wordt ook bezitter van het stokleen. Hind Bousch, eveneens. Dan hebben we nog Werren Dautzenberg, J.W.Fransen, Gerret Penings, een zekere Mougen (Monen ?), en Peter Wetzels. Ze worden allen genoemd als “possesseur des stocklehen van den Nesschen”. (LvO 6409)

Peter Johan Dautzenbergh verschijnt eveneens in de veelheid van de namen. Hij wordt “beleent met ten Nesschen”. Peter Johan was ook griffier te Heerlen. De namen lijken erg veel op elkaar. We kunnen ervan uitgaan dat het om familieleden gaat. In een originele akte, opgemaakt op 9 november 1733 “ in die banck van Herlen”, vinden we de namen van Werren Dautzenbergh, Jan Boijs, Peter Wetzels, Jan Brüns, Gerret Monen en Johannes Maugen terug.

Jan Boest, 1738(***)

 Jan was getrouwd met Anna Vernau, en woonde in 1738 daadwerkelijk op de hoeve te Ten Esschen, hetgeen moge blijken uit het volgende. In het boek van G.Ramaekers en Th.Pasing staat op blz. 88 een foto van een houten balk, waarin een vrome wens om de boerderij voor onheil te behoeden staat gekerfd. De letterlijke woorden zijn: “Dit huis In Gots hant God beware voor fuir en brant Anno 1738 den 30 iunius i. p Ian Boest-Anna Vernau”.

Daniel van den Esschen, 1749 (????)

Zie Rijckheit: Hans Peter Damen eiser, tegen gedaagde Daniel van den Esschen i.v.m pachtschuld. Civiel proces dossier 3547, inv.nr LvO 6173 dossier nr. 16 , 20 januari, 1749

Joseph Wielders, 1755 (***)

 Wellicht is Wielders de bekendste bewoner van de hoeve. De overval op de boerderij van oudejaarsdag 1755 is uitgebreid beschreven in het boek van Ramaekers en Pasing uit 1973. De hoeve fungeerde toen als een soort herberg en winkel, een z.g. panhuys. Wielders was daarnaast ook landbouwer. ( zie foto hoeve hierna volgend)

Johannes Boest, 1773 (????)…………………..

In het protocol van het scherp examen tegen Peter Geerits van drie augustus 1773 wordt bijna achttien jaar na de overval op de herberg op ten Esschen gesproken over het “Meijske van Caardemig”, dat deel zou uitgemaakt hebben van de bende: “welk Meijsken ook meede in de herberg op ten Esschen bij Johannes Boest geweest is”. In december 1755, ten tijde van de overval, was Joseph Wielders daar echter de man. Het zou kunnen zijn dat in het protocol de naam genoemd wordt van de in augustus 1773 aanwezige boer op de hoeve. Dat betekent in dat geval weer een Boest op de hoeve na de Jan Boest van 1738.

 

***=Pachter

Advertenties